March 20, 2011 in Netherland
Het pronomen als subject
Regels – Het presens
| Personen |
Bellen |
Wonen |
Studeren |
| Ik |
Bel |
Woon |
studeer |
| Je / Jij / U |
Belt |
Woont |
Studeert |
|
Bel_ je? |
Woon_ je? |
Studeer je? |
| Hij / Ze / Zij |
Belt |
Woont |
Studeert |
| We / Wij |
Bellen |
Wonen |
Studeren |
| Jullie |
Bellen |
Wonen |
Studeren |
| Ze / Zij |
Bellen |
Wonen |
Studeren |
Personen in het enkelvoud : Ik, jij / u , hij, zij
Gebruik van zij of hij:
- zij is voor vrouwen
- hij is voor mannen
Gebruik van u of jij:
- Jij is voor kinderen of vrienden
- u is voor volwassenen
Personen in het meervoud:
- Wij : Ik en jij of Ik en hij of Ik en jij en jij en hij
- Jullie : jij en jij en jij
- U : u en u en u
- Zij : Hij en ze of meer dan twee mensen
Tags: Netherland
March 19, 2011 in Netherland
Een zin heeft altijd een onderwerp bijvoorbeeld: Andys, Mike en ook een werkwoord bijvoorbeeld schrijft, eet.
In een gewone zin komt eerst het onderwerp en daarna het werkwoord:
- Andys kijkt TV
- Prita studeert Calculus
In een vraagzin komt eerst het werkwoord en daarna het onderwerp:
- Kijkt Andys TV?
- Studeert Prita Calculus?
Tags: Netherland
March 19, 2011 in Netherland
Een getal bestaat uit cijfers
0 = null
1 = een
2 = twee
3 = drie
4 = vier
5 = vijf
6 = zes
7 = zeven
8 = acht
9 = negen
10 = tien
11 = elf
12 = twaalf
13 = dertien
14 = veertien
15 = vijftien
16 = zestien
17 = zeventien
18 = achttien
19 = negentien
20 = twintig
21 = eenentwintig
22 = tweeentwintig
from 23 – 29 there is a pattern to say it. for example 23, you say the 3 first and 20 so it will be drie en twintig. Combine all word then it will be drieentwintig
30 = dertig
40 = veertig
50 = vijftig
60 = zestig
80 = tachtig
100 = honderd
100 = duizend
10.000 = tienduizend
Tags: Netherland